citroenen

De draaglijke lichtheid van het sap-bestaan

Het werd ook aangeraden om voldoende te bewegen. Nu was er een tijd dat ik ooit fanatiek een calorie-tel-app gebruikte, om inzicht te krijgen in alles wat ik naar binnen schoof. (Wederom: een experiment. Ik kan niet zeggen dat ik er echt minder om ging eten. Of drinken.) Op die manier wist ik wat je lichaam nodig heeft wil je ook nog een beetje sporten. Van deze sapkuur die ik aan het doen was, had ik geen flauw benul hoeveel waarde aan energie mijn lichaam binnenkreeg. Ik had natuurlijk het aantal calorieën van een appel kunnen opzoeken, maar hoeveel daarvan zitten dan in de vezels die ik niet innam? Ik heb het niet eens gegoogled. Vijf dagen op enkel sap leek me allicht gezonder dan vijf dagen McDonalds en was het idee niet ook om af te vallen? Dan móet je juist minder calorieën binnenkrijgen dan je verbruikt.

Vijf dagen lang dronk ik dus alleen maar groente- en fruitsap. Dit is mijn verslag van de laatste twee dagen. Hoe het me de eerste drie dagen verging, lees je hier.

Om nog even terug te komen op de reden waarom ik dit nu precies deed, die was mijzelf ook niet helemaal duidelijk. Ik bedoel, dat was het hele punt: kijken wát er gebeurde. Ik heb ook artikelen voorbij zien komen met koppen die betweterig schreeuwden dat het concept detox helemaal niet bestaat. Je lichaam is een fantastisch ontworpen apparaat dat prima in staat is om zichzelf te onderhouden. Dat geloof ik ook. Maar het heeft wel brandstof nodig en daar gaat het vaak mis.

Zou je lichaam het niet op prijs stellen als je alles wat binnenkomt eventjes zo veel mogelijk versimpelt, zonder de noodzakelijke voedingswaarden te vergeten?

Of ik dat met deze sapkuur heb gedaan, weet ik niet. Als ik al het idee had dat deze manier bij mij paste, dan spraken mijn koude handen mij tegen. Sowieso had ik het koud. Zo koud. Normaliter ben ik al een koukleum, maar nu was mijn dikste trui niet dik genoeg. Vooral tijdens de laatste twee dagen. Niet gek ook, want buiten vroor het – zelfs overdag. (Oké, ik heb de temperatuurmeter er niet op nageslagen, maar ik had het gewoon Heel Koud. Goed?)

Ik voelde me schuldig naar mijn dierbare lijf, mijn verbrandingsoven. Dat die sub-optimaal begon te werken was vast niet een goed teken. Ik ging in spaarstand. Dat gaf ook weinig hoop voor het bijkomende, maar zeker niet minder welkome neveneffect van de kuur: je valt er van af. Want als mijn metabolisme nu zo traag was, zouden de kilo’s wanneer ik weer ging eten er vast aanspringen nog voordat ik er erg in had.

7lbs in 7 days, heet de sapkuur (van de Britse ‘sap-expert’ Jason Vale). Zelf noemt hij het een detox en wat betreft uitleg over het kwijtraken van de gifstoffen, en of dat überhaupt wel bestaat, volstaat hij in het boek met niet veel meer dan een ‘en zo verlaten die dan je lichaam’. Maar dan willen de fans van Vale dan ook niet, die willen gewoon afvallen. Zelf was hij ook ooit dik en sap heeft hem slank gemaakt, dus hij kan het weten.

Mooi, want naast het feit dat ik mezelf wat discipline wilde bijbrengen wat betreft eten, had dat bodemloze gesnoep mij wat extra’s kilo’s geschonken de afgelopen twee maanden. Hoeveel precies wist ik niet, want ik gebruik onze weegschaal nooit. Dat hoeft ook niet, want de heupen van een vrouw zijn eerlijk genoeg. En de mijne waren zachter dan ooit.

Bewegen dus, dat zou mijn heupvet eens leren. Op de vierde dag ging ik naar yoga. Een behoorlijk energieke variant ook, dus het leek me verstandig om van tevoren aan de juf te melden dat ik een sapkuur aan het doen was. Een beetje aanstellerig wel, maar de perfectionist in mij was sterker. Wat als ik daar als een slappe vaatdoek op het matje stond te presteren? Dan begreep ze het tenminste. Toch bleek de yogales me behoorlijk goed te vergaan. Alleen de kracht om lichaamsdelen lang in de lucht te houden ontbrak, maar wat kon je daarvan zeggen. Ik had zelfs nog geen enkel sapje op, alleen warm water met citroensap, het allereerste wat de sapmeneer iedere ochtend beviel.

Terug naar huis voelde ik me een beetje high. Op de fiets kwam ik nauwelijks vooruit, maar evengoed was ik de koning van de wereld. De wetenschap dat ik al vier dagen op sapjes leefde en zojuist een beweeglijke yogales had gevolgd op een lege maag, gaf me zoveel energie dat ik de rest van de dag vrijwel alle taken van mijn to do-lijst afrondde.

Het ochtendverloop had me zelfs een beetje overmoedig ‘ja’ doen zeggen op een opdracht voor de dag erna. De straat op om samen met de fotograaf werkende mensen aan te spreken op hun kleding en hen te interviewen over hun stijl.

Had ik echt om negen uur ’s ochtends al afgesproken in een tentje in het centrum? Ik had mezelf beloofd rustig aan te doen tijdens de kuur en dit was nota bene alweer de laatste dag ervan – maar werk is werk.

Eerst gingen we een bakkie doen waar ze de lekkerste koffie van de stad hebben, beloofde de fotograaf me. Ik wilde niet in de slachtofferrol duiken, noch in die van een freak, maar als je op zo’n moment groene thee bestelt heb je gewoon wat uit te leggen. Ik was allang blij dat ik de afgelopen dagen minimaal sociaal contact had gehad, want het interesseert me niet per se wat anderen vinden van mijn onderneming. Gelukkig was de thee heerlijk en ik beloofde het sympathieke meisje met vlechtjes die er werkte dat ik snel terug zou komen om de koffie te proeven.

Toen ik begon in de journalistiek vond ik het best eng om zomaar mensen aan te spreken, dat mag je best weten. Inmiddels is het maken van reportages een van de dingen die ik het liefst doe. Mits goed voorbereid. Valt ‘niet eten’ daaronder? Ik wist het niet. Wel merkte ik dat ik minder scherp was dan gewoonlijk. Dat was waarschijnlijk ook de reden dat ik had toegezegd dit te doen (ter mijn verdediging: er was een deadline) en dat ik me eigenlijk ook helemáál geen zorgen maakte erover – ondanks dat deze scherpheid doorgaans min of meer een vereiste is voor het werk dat ik doe. (Los van de artiesten die ik eens op Lowlands interviewde, onder invloed van halve liters, maar dat is een ander verhaal.)

Het ging allemaal perfect.

’s Avonds ben ik zelfs nog naar een bijeenkomst over literatuur gegaan. Na afloop was er een borrel met (gratis) bier en wijn en nootjes. En spa blauw, want dat was wat ik dronk. Ik vond het niet eens moeilijk om even te blijven hangen erna. Bijna voelde het alsof de sapmeneer me persoonlijk begeleidde en dit evenement had georganiseerd als Ultieme Test. Aan de andere kant stond ik ook weer niet te popelen om aan de praat te geraken met mensen waar ik indruk op zou willen maken. Die scherpte, hè.

Wel raakte ik nog in gesprek (de opener was vanzelfsprekend mijn glas water) over hoe psychologisch eten eigenlijk is en dat je jezelf vaak genoeg kunt afvragen waar je trek vandaan komt. (Van mijn moeder mag ik geen honger zeggen.) Ik zou willen dat ik mijn uitspraken hier kon reproduceren, want ik zei echt heel zinnige dingen en wist handig allerlei filosofische verbanden te leggen. De lichtheid in mijn hoofd heeft het me doen vergeten. Waarschijnlijk al op het moment dat de zinnen mijn mond verlieten.

Die avond viel ik in slaap, wetende dat het de volgende ochtend klaar was, de kuur. Ik had het volgehouden en ik voelde me sterk.

Oh ja, ik begreep dat behoorlijk wat mensen waren geïnteresseerd in mijn stoelgang. Voor het typen van deze zin wreef ik in mijn handen van geluk, want zoiets kun je niet iedere dag zeggen. Nou, op dag twee moest ik al naar de wc, om het onderkoeld te brengen. De sapmeneer had niet gelogen toen hij sprak van de vezels in de avocado en hoe die je darmen hielpen schoonhouden. De buit was van welkome substantie, de stank was dat minder. Een bos-achtige kleur. In de dagen erna moest ik zo nu en dan en nooit verliep dat op een ziekelijke manier. (Zo, ik heb de pleister er weliswaar behouden afgetrokken, maar toch op een beschaafde manier.)

Interessant misschien om te vertellen is dat mijn urine vrijwel doorzichtig was. Er viel weinig uit te scheiden blijkbaar. Alleen mijn ochtendplas was donker zoals gewoonlijk.

Wil je weten of ik uiteindelijk ook ben afgevallen en wat de kuur nou heeft uitgehaald? Houd dan mijn site in de gaten, want ik schrijf nog over de dagen erna.